logotype

Ons gezin bestaat uit Kees en Anke en de zonen Maarten, Stefan en Matthijs.

KEES komt uit een echt pluimveegezin, uit Renswoude in de Gelderse Vallei. Zijn vader had naast koeien ook kippen en Kees wist al jong dat daar zijn toekomst lag. Na de Lagere en Middelbare Landbouwschool ging hij werken bij Beekman, een pluimveebedrijf in Barneveld. Na een aantal jaren huurde hij een opfokbedrijf voor slachtvermeerdering. In die tijd leerde hij Anke kennen en samen kochten ze een legvermeerderingsbedrijfin Kesteren.

ANKE groeide op in Borculo in de Achterhoek. Ze volgde de opleiding voor apothekersassistente en werkte met veel plezier in apotheken in Zutphen en Veenendaal.  Ze trouwde met Kees en samen kregen ze 3 kinderen. Momenteel werkt ze weer parttime bij een apotheek in Ochten. Ze doet de boekhouding voor het bedrijf en verricht hand- en spandiensten.

MAARTEN is de bedrijfsopvolger. Hij heeft de 4-jarige MBO-opleiding Veeteelt gevolgd in Geldermalsen. Tijdens de opleiding liep hij stage bij Bunt Automatisering in Kesteren. Zijn interesse ligt behalve bij pluimvee ook bij computers. Na z’n opleiding is hij bij Bunt aan de slag gegaan als systeembeheerder. Hij gaat in de toekomst beide beroepen combineren. Zijn vrouw Daniëlle hoopt samen met hem het bedrijf over te nemen.

STEFAN werkt als programmeur, hij volgt daarnaast een deeltijdopleiding HBO-informatica.

MATTHIJS zit in 6-VWO, hij wil bedrijfskunde gaan studeren.



DE GESCHIEDENIS

De geschiedenis van ons bedrijf begint in 1986.

We namen het pluimveebedrijf van de familie Roseboom over, het bedrijf was toen 8 jaar oud. De stallen hadden een gang middendoor, met aan weerszijden legnesten, waar we de eieren met de hand uithaalden. We hadden toen plm. 13.000 hennen.

De eerste verbetering kwam snel: een lopende-bandsysteem voor de eieren.

Een grote uitbreiding volgde eind 1995: in één stal kwam het Volito voliëresysteem. We waren daarmee voorlopers, voliëre was in onze sector (vermeerdering) nog vrij nieuw. Een voliëre is opgebouwd uit etages. De kippen kunnen zich vrij bewegen door de stal, op de etages vinden ze voer en water, en kunnen ze eieren leggen.

We gingen toen naar 21.000 hennen. Het verwerken van de eieren werd ook geautomatiseerd: we gingen werken met een inpakmachine, die de eieren op trays (kartonnen plaat met 30 holtes) zet.

Een bijzondere ervaring was het hoge water begin 1995. Onze hennen waren net volop aan de leg. We moesten verplicht evacueren, en onze hennen zijn toen overgebracht naar stallen in Odiliapeel in Brabant. Dat gaf veel problemen: de kippen konden voer, water en de legnesten niet vinden en er gingen veel eieren verloren. Gelukkig konden ze snel weer terug.

Een andere zware tijd was de vogelgriepperiode in 2003. Hoewel onze kippen niet ziek waren, werden ze toch vernietigd. Dit vanwege preventiemaatregelen van de overheid. We hopen zoiets nooit weer mee te maken. We hebben toen ongeveer een half jaar leeg gestaan.

Onze laatste koppel kippen in de oude stallen zijn in oktober 2011 afgevoerd.